Nieuws
De virtuele leeszaal van het Stadsarchief: www.archiefbankbrugge.be
Maandag 28 januari lanceerde burgemeester Renaat Landuyt officieel de website archiefbankbrugge.be. Bij aanvang van dit project is gekozen voor de geboorte- en huwelijksakten van de stad Brugge voor de periode 1796-1910, goed voor bijna 200.000 akten. Aan deze akten is de data gekoppeld, die is ingevoerd door de vrijwilligers van het Stadsarchief en van het Brugse Rijksarchief. Daardoor zijn deze akten doorzoekbaar op naam, jaar of datum. Weldra volgen ook de overlijdensakten en de akten van de burgerlijke stand van de Brugse deelgemeenten.
Dit is een eerste stap naar een virtuele leeszaal, waardoor iedereen van thuis uit en op gelijk welk tijdstip online documenten kan doorzoeken, raadplagen en afdrukken.
Bijzondere Sluitingsdagen 2013
- maandag 1 april: paasmaandag
- woensdag 1 mei: feest van de arbeid
- donderdag 9 mei: o.l.h. hemelvaart
- vrijdag 10 mei: brugdag
- maandag 20 mei: pinkstermaandag
- donderdag 11 juli: vlaanderens feest
- donderdag 15 augustus: O.L. Vrouw Hemelvaart
- vrijdag 1 november 2012: Allerheiligen
- maandag 11 november 2012: Wapenstilstand
- woensdag 25 december: Kerstmis
- donderdag 26 december: 2de kerstdag
Aanwinst
Het audiovisueel archief van Willy Lustenhouwer
De Brugse Gemeenteraad besliste in zitting van 27 november 2012 een legaat te aanvaarden van wijlen mevrouw Lisette De Loose, de weduwe van Willy Lapouter, beter bekend als Willy Lustenhouwer. Het legaat bestaat uit een aantal boeken, classeurs met teksten en scripts, alsook wat magneetbanden en vinylplaten Al eerder, in 2007, heeft het Stadsbestuur, eveneens na beslissing van de Gemeenteraad, een groot deel van het audiovisueel archief van Willy Lustenhouwer aangekocht van het Comité voor Initiatief en in het Stadsarchief ondergebracht. Willy Lustenhouwer (° Sint-Andries, 21 oktober 1920) begon in de jaren 1940 een muzikale carrière in een Brugs orkest onder leiding van Xavier Geerolf en ging gaandeweg tussendoor ook als conferencier optreden. Hij begon ook zelf liedjesteksten, sketches en monologen te schrijven. Toen hij begin de jaren 1950 bij Radio Kortrijk ging werken bracht hij zijn eerste grammofoonplaten uit. Hij zong in het Brugse dialect en bij zijn grote successen mogen zeker ‘Zie je van Brugge (zet je vanachter)’ uit 1955 en ‘Brugge is oltied schoane’ uit 1956, worden vermeld. Uiteindelijk schreef hij meer dan 600 Brugse liedjes die steevast op muziek werden gezet door zijn goede vriend, de Brugse accordeonist Roger Danneels. Begin de jaren 1960 begon hij met televisiewerk, vooral in populaire spelprogramma’s. In 1973 hield hij daarmee op omdat zijn inmiddels opgestarte reisbureau teveel van zijn tijd vroeg. Als afscheid van het publieke toneel gaf hij een one-man-show in de Brugse stadsschouwburg, die uiteindelijk wegens groot succes nog door negen andere werd gevolgd tot in 1984. Een belangrijke verwezenlijking ook was zijn boek De geschiedenis van het café-chantant uit 1987 waarin meer dan 200 oude Brugse liedjes, opgetekend bij bejaarden, zijn opgenomen.Hij stierf te Assebroek op 13 juni 1994.
Brugse portretfotografie van Albéric Heyvaert
Via het Izegemse on line-veilinghuis Anamorfose kon het Stadsarchief halfweg oktober 2012 een reeks foto’s, fotocahiers en een fotoalbum verwerven van de fotograaf Albéric Heyvaert (°Dendermonde, 1875 +Appels, 1957). Heyvaert was van 1904 tot 1922 onderzoeksrechter bij de Rechtbank van Eerste Aanleg in Brugge. In 1922 werd hij voorzitter van de rechtbank in Kortrijk. In februari 1905 kwam hij vanuit Kortrijk naar Brugge. Gedurende tien jaar woonde hij in de Katelijnestraat, op het toenmalige huisnummer 25. Na een kort verblijf in Gent verhuisde hij al in december 1916 terug naar Brugge. Tot in februari 1922 woonde hij aan de Steenhouwersdijk op het toenmalige huisnummer 4. Tijdens zijn Brugse periode was hij als getalenteerd amateurfotograaf lid van de ‘Cercle Photographique de Bruges’. Zijn muze was Elza De Ryck (1889 -1972), een meisje dat hij van jongsaf aan kende en met wie hij pas op 9 november 1922 huwde in het Oost-Vlaamse Appels. Naast de cahiers behelst de collectie nog het vuistdikke album met opschrift ‘Photographies’ met daarin ca. 75 portretten – een aantal zijn vermoedelijk ook van Elza – en een reeks van vijftien stadsgezichten en landschappen, o.m. het verstilde ‘Bruges – Rolleweg’ en een viertal zichten van Burg, Begijnhofbrug en Groene Rei.
Het archief van de Besturende Commissie van het Maleveld
Onlangs werd het in de jaren 1980 afgesloten archief van de Besturende Commissie van het Maleveld door de laatste secretaris-ontvanger aan het Stadsarchief overgedragen. Het Maleveld was sedert de middeleeuwen een stuk ‘gemene’ grond van een 100-tal hectare ten noorden van het kasteel van Male. Het werd eeuwenlang door en voor de Malenaars bestuurd, oorspronkelijk als heidegrond voor het vee en turfwinningsgebied, later vooral als wei- en akkerland. Tijdelijk was er in het gebied ook een schietoefenveld, een vliegveld in de beide wereldoorlogen, een renbaan voor paardenkoersen, een speel- en sportterrein… In het Ancien Regime viel het bestuur van het Maleveld nog volledig onder het toezicht van de heerlijkheid Male. Vanaf de Franse tijd werd het beheer van het veld toevertrouwd aan een Commissie onder het toezicht van het gemeentebestuur van Sint-Kruis. Na een geding in de jaren 1930 nam het gemeentebestuur voor korte tijd het eigendomsrecht en bestuur van het Maleveld over. Een nieuw gemeentelijk reglement in 1948 herstelde de rechten van de Malenaars. Na de fusie met Brugge in 1971 werd het bestaande gemeentelijk reglement aanvankelijk gerespecteerd maar daarna al gauw weer betwist, wat in 1977 leidde tot de vervanging van de besturende commissie door een adviserende commissie. Het eigendomsrecht was dan al definitief aan de Stad toebedeeld. Het archief, dat nog niet is geïnventariseerd, lijkt op het eerste zicht voor de hedendaagse periode behoorlijk volledig te zijn bewaard. Het bevat ook enkele stukken Oud Archief, zoals een ommeloper van de heerlijkheid Male vanaf 1712 (met mee ingebonden een ommeloper van de heerlijkheid Viven vanaf 1675) en een document met een ‘prijsie’ van goederen in Male van 1770. Hoofdbestanddelen in het archief zijn begrotingen en rekeningen, vergaderingsverslagen en briefwisseling van de Commissie, reglementen en verordeningen, documenten in verband met het gebruik van de percelen, betwistingen en klachten. Er werd ook wat archief aangetroffen dat thuishoort bij het gemeentearchief van Sint-Kruis.
Het archief van de ‘Société Royale de Musique de Bruges’
Op 22 maart, na de vergadering van het Werkcomité van Levend Archief, bezorgde baron Jean-Pierre van Zuylen van Nyevelt, één van de deelnemers van de vergadering, ons een klein maar indrukwekkend archief, dat tot dan berustte in zijn familiearchief. De ‘Société Royale de Musique’ was in Brugge actief tot het begin van de jaren ’60 van de vorige eeuw. De vader van de schenker was de laatste voorzitter.
Het archief van de ‘Société Royale de Musique’ bestaat uit drie indrukwekkende banden waarin affiches en ander propagandamateriaal, uitnodigingen, correspondentie, foto’s, enkele rekeningen en facturen, verslagen, persknipsels, min of meer chronologisch zijn ingeplakt. Enkele stukken zijn enigszins beschadigd, maar alles bij elkaar gaat het om een relatief goed bewaard verenigingsarchief, waaruit de werking zeer goed kan worden afgeleid. Wel ontbreken systematische ledenlijsten en boekhoudkundige documenten.
De vereniging ‘Société Royale de Musique de Bruges‘ dateert van 1907, en kreeg toen de naam ‘Les Intimes’. Vanaf 1910 heette ze ‘Société de Musique de Bruges’, in 1932 werd ze ‘koninklijk’. Ze organiseerde concerten met koor en orkest, kamermuziekconcerten en ballet- en dansuitvoeringen. In enkele gevallen ging het om liefdadigheidsconcerten. Ze gebruikte daarvoor zowel de Stadsschouwburg als de stedelijke Concertzaal in de Sint-Jakobsstraat (nu de Republiek), het Conservatorium , de zaal Concordia in de Zuidzandstraat, en enkele andere Brugse zalen . Bestuur en leden waren afkomstig uit de adel en de hogere burgerij van Brugge en omgeving. In het interbellum werden aankondigingen, affiches en uitnodigingen tweetalig, maar de vereniging bleef Franstalig in haar organisatie. Toch programmeerde men ook werk van Vlaamse componisten als Arthur Meulemans, Peter Benoit en Renaat Veremans. Uiteraard werd ook werk uitgevoerd van de Brugse toondichter Joseph Ryelandt.
Andere mindere recente aanwinsten kan men ook raadplegen.

