Groeningemuseum Zaaloverzicht
Jaarlijks ontvangt het Groeningemuseum méér dan 150.000 bezoekers. Zowel in
het binnen- als buitenland heeft het museum een grote naam opgebouwd door zijn
rijke collectie.
Het museum is in 2003 grondig gerenoveerd, zowel de
binnenhuisarchitectuur, als de opstelling van de werken.
PIERRE
ALECHINSKY - LANCELOOT BLONDEEL - BRAM BOGART - HIËRONYMUS BOSCH - MARCEL
BROODTHAERS - JEAN BRUSSELMANS - PETRUS CHRISTUS - ANTOON CLAEISSENS - EMILE
CLAUS - GERARD DAVID - PAUL DELVAUX - GUSTAVE DESMET - JAMES ENSOR - JAN
ANTOON GAREMIJN - ABEL GRIMMER - JAN HALS - FERNAND KHNOPFF - RENE MAGRITTE -
HANS MEMLING - GEORGE MINNE - LUC PEIRE - CONSTANT PERMEKE - PIETER POURBUS -
JAN PROVOOST - ROGER RAVEEL - JOSEPH-BENOIT SUVEE - CORNELIS VAN CLEVE - HUGO
VAN DER GOES - ROGIER VAN DER WEYDEN - GUSTAVE VAN DE WOESTYNE - JAN VAN EYCK
- JAN VAN HEMESSEN - JACOB VAN OOST - RIK WOUTERS zijn er in wisselende
opstellingen te bewonderen.
Een zaaloverzicht:
- z a a l 1 > De stad als opdrachtgever
- z a a l 2 > De Vlaamse Primitieven
- z a a l 3 > Renaissance in Brugge
- z a a l 4 > Laat-Renaissance & Barok
- z a a l 5 > Neoclassicisme
- z a a l 6 > Beeldenkamer
- z a a l 7 > Publieksarchief
- z a a l 8 > Negentiende eeuw
- z a a l 9 > Expressionisme & Surrealisme
- z a a l 10 & 11 > Moderne Kunst na 1945
- Publiekswerking
- Vriendenzaal
- Arentshuis
Het Groeningemuseum bezit een beroemde collectie Vlaamse schilderkunst uit de 15de en 16de eeuw. Een belangrijk deel van deze meesterwerken werd besteld door de Stad Brugge. Schilderijen met de voorstelling van het Laatste Oordeel of mythologisch getinte panelen moesten de schepenen van de stad eraan herinneren rechtvaardig te zijn. De stad gaf daarnaast ook opdracht tot het maken van stadsgezichten en allegorische schilderijen behoorden tot de bestellingen.
In Vlaanderen duikt in het begin van de 15de eeuw een nieuwe realistische schilderstijl op die zich vlug verspreidt vanuit handelscentra zoals Brugge. Omdat de Vlaamse Primitieven geen gebruik maken van het lineaire perspectief, worden ze in de 19de eeuw als primitief omschreven. Deze stroming is sterk in het uitbeelden van landschap, mens en dagelijks leven. Bovendien tonen de schilders een grote belangstelling voor details en religieuze symboliek.
Vanaf 1520 komen Brugse schilders in contact met de Italiaanse renaissance, het humanisme en de heropbloei van de klassieke oudheid. De introductie van anatomisch correcte figuren, het lineaire perspectief, nieuwe schilderstechnieken en klassieke motieven getuigen hiervan. Brugge blijft een belangrijk kunstcentrum, maar op het einde van de 16de eeuw neemt Antwerpen die positie over.

De geloofscrisis in Europa tekent de schilderkunst. Het is protestantse kunstenaars verboden om religieuze afbeeldingen te maken. Katholieke artiesten geven de fundamenten van hun geloof weer. Beiden stappen af van de strakke renaissance en spelen met licht, kleur en dynamiek. Historiestukken, portretten, stillevens en landschappen werden erg gegeerd door verzamelaars. Ze hingen deze werken op in speciale kunstkamers.
Als reactie op de speelse rococostijl krijgen kunstenaars uit het einde van de 18de eeuw opnieuw belangstelling voor de klassieke Oudheid. Ze schilderen realistisch met grote aandacht voor een rationele compositie. In tegenstelling tot het rococo en de barok zijn de tekening en het lijnenspel dominant. Heel wat Brugse kunstenaars reizen naar Parijs of Rome om er naam te maken. Zowel in binnen- als buitenland maken ze bijvoorbeeld carrière als hofschilder.
De collectie van het Groeningemuseum bevat naast een indrukwekkende schilderijenverzameling ook beeldhouwwerk uit verschillende periodes. Indien er in deze zaal geen speciale tentoonstellingen plaatsvinden, worden hier enkele voorbeelden van getoond.
Deze vijf zaaltjes vormen een aparte entiteit binnen het Groeningemuseum. Het flexibel systeem laat ons toe u regelmatig te verrassen met nieuwe opstellingen. Het laatste zaaltje is voorbehouden aan de kunstenaar Marcel Broodthaers. Hij stelt de kunst, de kunstenaar en het museum in vraag. Op een ironische en speelse manier is hij een van de bekendste conceptualisten uit België.

In deze zaal krijgt u een kort overzicht van de belangrijkste opeenvolgende kunststijlen uit de 19de eeuw. U vindt er enkele representatieve voorbeelden uit de neogotiek, de romantiek, het realisme, (post)-impressionisme, luminisme en symbolisme.
Deze twee stijlen domineren de Belgische Moderne Kunst tussen de twee Wereldoorlogen. De Vlaamse expressionisten leveren vrij herkenbaar werk af: donker kleurgebruik, landelijke onderwerpen, gedeformeerde figuratie en een soms grove schilderwijze. René Magritte en Paul Delvaux domineren het Belgische surrealisme. Magritte schildert graag onvertrouwde raadsels. Delvaux legt de sfeer van dromen vast.
In de laatste twee zalen komt de Moderne collectie van het Groeningemuseum in wisselende opstellingen aan bod. Na 1945 volgen verschillende uiteenlopende kunststromingen elkaar in snel tempo op. Kunstenaars beïnvloeden elkaar of zetten zich af tegen vroegere stijlen. Zo is de abstracte kunst een reactie op de vlotte, informele kunst. Of is het hyperrealisme een voortzetting van de pop art.
> jeugd (vast aanbod + planning)

Het museum beschikt over een hightech multimediazaal. Scholen, verenigingen of bedrijven kunnen deze tegen bepaalde voorwaarden zaal huren.
Info: T+32(0)50 44 87 43

Dit voormalige herenhuis fungeert o.m. als tentoonstellingsannex van het
Groeningemuseum.
De eerste verdieping exposeert topwerken uit het
oeuvre van Frank Brangwyn.



