Bloembollen brengen lente vol kleur in Brugge

17
apr
2019

Voorjaarsbloeiende bloembollen zorgen voor bijzondere plekken.  Een aantrekkelijke publieke ruimte en biodiversiteit in de stad worden steeds belangrijker. 

Het planten van bloembollen is eenvoudig en de mogelijke toepassingen zijn quasi eindeloos. Zo planten we in Brugge heel wat tulpen, narcissen en blauwe druifjes in eenjarige perken gecombineerd met vergeet-mij-nietjes, sleutelbloemen en viooltjes.

47.300 bloembollen

In de Brugse binnenstad werden 47.300 bloembollen aangeplant.

  • Daarvan vind je er 22.550 terug in de perken van o.a. het Astridpark, Minnewaterpark en het Koning Albertpark. Ook de Unescorotonde staat er dit jaar terug fleurig bij. Andere bloembollen gedijen dan weer beter in grazige bermen of op schaduwrijke plaatsen onder de bomen in het park of op de vesten.

  • In de binnenstad werden 24.750 verwilderingsbloembollen aangeplant in bermen, op pleintjes en ronde punten: 3.000 anemonen, 2.000 sieruien, 3.000 krokussen, 5.000 winterakonieten, 6.000 sneeuwklokjes, 2.000 boshyacinten, 750 narcissen en 3.000 sterhyacinten.

 

Ook de deelgemeenten worden in de bloemetjes gezet. Woonstraten, pleintjes en bermen in de deelgemeenten werden voorzien van lentebloeiende bollenmengsels die jarenlang terugkomen. In alle deelgemeenten samen worden 112.742 bloembollen aangeplant.  Sommige mengsels bloeien alleen vroeg in het voorjaar, andere bloeien door tot ver in juni. Afhankelijk van het maairegime wordt een geschikt mengsel uitgezocht.

Zomerbloemen na ijsheiligen aangeplant

Schepen van Openbaar Domein Mercedes Van Volcem: “We verwennen bewoners en bezoekers met meer bloemen en meer kleur deze lente.Dit jaar telt Brugge namelijk 160.000 bloeiende bloembollen extra! Dat is bijna een verdubbeling ten opzichte van vorig jaar toen er 85.750 bijkwamen.

De hoeveelheid eenjarige lentebloemen zoals vergeet-mij-nietjes, primulas en viooltjes bleef quasi gelijk. De aantallen van de zomerbloemen zullen dan weer een stuk hoger liggen. De zomerbloemen worden na ijsheiligen in de tweede helft van mei aangeplant.”

“Bloeiende bollen leveren naast het feit dat ze de omgeving opfleuren ook een belangrijke bijdrage aan de biodiversiteit. Vooral enkelbloemige en vroegbloeiende bolgewassen zijn een welkome bron van nectar en stuifmeel voor insecten zoals vlinders en bijen. In het prille voorjaar zijn bloeiende bollen heel belangrijk omdat er dan nog maar weinig stuifmeel en nectar voor handen is”, aldus een tevreden Mercedes Van Volcem.

Deel deze pagina