Markante bomen: Winterlinde of kleinbladige linde - Tudor

Wetenschappelijk naam

Tilia cordata

Nederlandse naam

Winterlinde of kleinbladige linde

Standplaats

Tudor

Tudor vormt samen met Beisbroek en de Chartreuzinnenbossen de Brugse stadsbossen, samen goed voor 190 ha natuurgebied.

Tot de 2de Wereldoorlog werden de domeinen intensief gebruikt als boswinningsgebied. Vandaar de rechte dreven in de loof- en naaldbossen.

Het kasteel van Tudor en het domein werd in 1981 aangekocht door het stadsbestuur.

Algemene info

De winterlinde is een boom uit de kaasjeskruidfamilie en komt in Europa voor in het wild.  

De boom kan 30 m hoog worden en heeft een loodgrijze, gladde stam die pas op latere leeftijd ruw wordt.

De twijgen zijn bovenaan rood en onderaan olijfgroen.

De bladeren zijn kleiner dan bij andere linden en in de oksels van de nerven bevinden zich rossige haarbundels.

De boom bloeit in juni en juli met opstaande tuilen van 4-15 vruchten met geurende bloemen. De winterlinde is dan ook een uitstekende waardboom voor bijen en vlinders.

Oorsprong

Europa

Bijzonderheden

De linde was een 'heilige boom' in de Oudheid. In het Germaanse volksgeloof nam de lindeboom een vooraanstaande plaats in en werd hij als afweerboom geplant.

Het onveiligheidsgevoel in vroegere tijden was van een andere orde dan nu. Wat in vergelijking met vroeger niet gewijzigd is, is dat angst en onwetendheid hiervan aan de basis ligt. Men was bang voor fenomenen die zich voordeden in de natuur zoals donder en bliksem en voor de duisternis. Ook was men bang voor bepaalde verschijningen zoals weerwolven, boze geesten, spoken, witte wijven, zwarte katten, e.d. Daarnaast vreesde men voor personen die over magische krachten beschikten zoals tovenaars en heksen. Om zich hiertegen te wapenen geloofde men in de beschermende en zuiverende kracht van linden en op de meeste erven werd hij aangeplant als afweerboom.

Op veel plaatsen vinden we nog het eeuwenoude gebruik om bij de oprit twee lindes te planten. Soms werden deze bomen geleid, geknot of gekandelaard. Men noemde deze bomen de wachters omdat ze het kwaad weghielden van het erf. Soms werden ze ook welkomstbomen genoemd omdat men pas welkom was, nadat men de zuiverende werking had ondergaan, door onder de linden door het erf te betreden. Die oude verering heeft zich nog lange tijd voortgezet via allerlei gekerstende volksgebruiken. Zo werden er later bijvoorbeeld vaak Mariakapelletjes op deze bomen aangebracht. (bron: Onroerend erfgoed)